Dit artikel hoort bij: KRW jaarrapportage 2016

3. Uitvoering en beheersing van het KRW-programma

In dit hoofdstuk leest u wat Rijkswaterstaat vanuit de KRW aan de verbetering van ecologische waterkwaliteit doet, wat de planning is en hoe we hierover verantwoording afleggen. Daarnaast gaan we in op wat de voortgang van de uitvoering is. Tot slot vindt u het antwoord op de vraag: hoe gaan we om met duurzame ontwikkeling en kwaliteitsborging?

3.1 Wat doet het KRWprogramma aan de verbetering van de ecologische waterkwaliteit?

Als beheerder van de rijkswateren stelt Rijkswaterstaat een maatregelenprogramma voor ecologisch herstel op en voert dit uit. Dit omvat gebiedsgerichte inrichtingsmaatregelen en beheer-, onderhouds- en onderzoeksmaatregelen. Deze maatregelen hebben we per regio opgenomen in bijlage 2. Bijlage 3 beschrijft de criteria op basis waarvan de maatregelen zijn geselecteerd. Ecologisch belang en tijdpad zijn daarbij de uitgangspunten.

In 2008 heeft het directoraat-generaal Ruimte en Water (DGRW) van IenM aan Rijkswaterstaat de opdracht gegeven om met het KRW-programma aan de slag te gaan. Voor Rijkswaterstaat was dat het startsein om met de eerste tranche maatregelen te beginnen. Het KRW-programma bevat in totaal ongeveer zeshonderd maatregelen: 302 in de eerste tranche en 234 in de tweede tranche. De lijst voor de derde tranche omvat nu nog circa 40 maatregelen, deze lijst wordt nog geactualiseerd voor het eind van 2018. Opdracht voor de tweede tranche (looptijd van 2016 tot en met 2021) en voor het actualiseren van de derde tranche (uitvoering van 2022 tot en met 2027) kwam in april 2015.

Beheer- en ontwikkelplan voor de rijkswateren (BPRW) 2016-2021 vastgesteld

De verkenning van de tweede tranche heeft geleid tot wijzigingen in het maatregelpakket en verbeterde ramingen. Bovendien zijn de onderzoeksmaatregelen nader geconcretiseerd. De minister heeft conform de spelregels van het MIRT een MIRT2-besluit genomen voor de aanlegmaatregelen van de tweede tranche. Het maatregelenpakket van de tweede tranche is daarmee definitief. Met de vaststelling van het BPRW 2016-2021 is tevens het maatregelenpakket vastgesteld. De toestand van waterlichamen en de maatregelen van de tweede tranche zijn beschreven in de factsheets bij de stroomgebiedbeheerplannen voor de periode 2016-2021 die te vinden zijn in het waterkwaliteitsportaal.

3.2 Duurzaamheid

Bij de uitvoering van de maatregelen geeft Rijkswaterstaat invulling aan duurzaamheid. Dat is een onderdeel van onze opdracht. Het KRW-programma is een van de tien voorlopers van MIRT-projecten op het gebied van duurzaamheid. Voorloperprojecten zijn leerzaam, omdat ze al veel doen aan duurzaamheid. Het verbeteren van de ecologische waterkwaliteit sluit goed aan bij duurzame doelen als integraal en duurzaam waterbeheer. Bij de uitvoering van maatregelen benut Rijkswaterstaat zo veel mogelijk duurzame kansen, zoals besparing op energie en grondstoffen. We willen aansluiten bij alle duurzaamheidsthema’s van Rijkswaterstaat.

Uitleg MIRT

MIRT staat voor het Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport. Het MIRT kent de volgende beslissingsmomenten:

  • MIRT 1: Startbeslissing
  • MIRT 2: Voorkeursbeslissing
  • MIRT 3: Projectbeslissing
  • MIRT 4: Opleveringsbeslissing
Figuur 1: realisering KRW-opgave in de rijkswateren, planning op hoofdlijnen met belangrijke mijlpalen ROO: Regionaal Organisatie Onderdeel van RWS WVL: Water, Verkeer en Leefomgeving

Het KRW-programma loopt van 2010 tot 2027. Rijkswaterstaat past in de uitvoering een fasering toe van drie zesjarige perioden ofwel tranches.

De planning op hoofdlijnen met belangrijke mijlpalen is weergegeven in de bovenstaande figuur.

3.4 Sturing en verantwoording

Rijkswaterstaat voert de werkzaamheden uit in opdracht van DGRW. Hoe we dit georganiseerd hebben, staat in de figuur hieronder. De KRW-jaarrapportages geven DGRW op maatregelenniveau inzicht in de voortgang van het totale KRW-programma.

In aanvulling daarop rapporteert Rijkswaterstaat intern drie keer per jaar aan het directoraatgeneraal RWS (DG RWS) over de voortgang van maatregelen op projectniveau; met financiering uit het Deltafonds artikel 7 en de aanlegprojecten met een KRW-nevendoel. Deze rapportage bespreken we met DGRW.

3.5 Voortgang van de uitvoering

Afronding eerste tranche

De eerste tranche wordt formeel afgesloten in 2017 (oplevering en decharge). Aan het eind van 2016 waren 292 maatregelen van de in totaal 302 maatregelen uit de eerste tranche gerealiseerd. Het merendeel daarvan (96 procent) was in 2015 gereed. In 2016 zijn nog twee maatregelen afgerond: Van Beuningengemaal en Klompenwaard.

Tien maatregelen waren eind 2016 niet afgerond, daar gaan we als volgt mee om: In 2017 worden vier maatregelen uit de eerste tranche afgerond: Polder Stededijk, het Kolffgemaal, IJssel en de Kleine Sluis bij IJmuiden.

De resterende zes maatregelen lopen nog door tot na 2017 en worden meegenomen in de tweede tranche.

Bijlage 1 omvat een overzicht van de eerste tranche maatregelen, die eind 2015 nog niet waren afgerond.

Figuur 2: Opdrachten DG RWS aan ROO’s voor uitvoering van het KRW-maatregelenpakket

Opstart tweede tranche

In 2016 is gestart met de uitvoering van de tweede tranche. In totaal gaat het om 234 maatregelen. Bij 37 maatregelen gaat het om vispassages tussen rijkswateren en water in beheer bij een waterschap. In overleg met die waterschappen is afgesproken dat zij de maatregelen uitvoeren en het toekomstig beheer ervan op zich nemen. Rijkswaterstaat draagt bij in de kosten. Figuur 3 geeft aan welk type en hoeveel maatregelen in de tweede tranche genomen worden. De maatregelen geulen, natuurvriendelijke oever (NVO), wetland, inrichting overig, sanering en vispassage bevatten werkzaamheden die onder regie van Rijkswaterstaat in het veld plaatsvinden.

Figuur 3: Aantallen KRW-maatregelen per soort

Uitleg bij de maatregelsoorten

Geulen
Betreft de aanleg van meestromende nevengeulen en nietmeestromende nevengeulen (strangen). Verdieping onder water – in het rivierengebied – waar vissen en planten van profiteren.

Natuurvriendelijke oever (NVO)
Natuurvriendelijke oever door onder meer de verharding weg te nemen. Deze maatregel komt voor langs de rivieren en in de grote meren.

Wetland
Het verlagen van de uiterwaarden of het aanleggen van een gebied dat door het getij onder en boven water komt te staan. Het ontstaan van verschillende stroomsnelheden en waterstanden binnen het waterlichaam komt de biodiversiteit ten goede. Deze maatregel komt voor in het rivierengebied, in het estuarium en langs de kust.

Inrichting overig
Alle overige inrichtingsmaatregelen: onder meer rivierhout en herstel zeegras. Maatregelen die in samenhang met Natura 2000 worden uitgevoerd en de maatregel Flakkeese spuisluis vallen onder deze categorie.

Sanering
Maatregelen om de waterbodem te ontdoen van schadelijke stoffen, bijvoorbeeld door het verwijderen van vervuild slib.

Onderzoek
Inzicht krijgen in de toestand van het watersysteem gericht op de waterkwaliteit en maatregelen om toekomstige aanleg maatregelen te verkennen.

Beheer
Taken die Rijkswaterstaat uitvoert in het kader van het reguliere beheer van zijn watersystemen. Voorbeelden zijn: visvriendelijk sluis en stuwbeheer, duurzame visserij en ophaalregeling zwerfvuil.

Vispassage Rijk-Regio
Dit zijn de zogenoemde Rijk-Regiovispassages, waarbij de waterschappen zorgen voor het vispasseerbaar maken van sluizen, stuwen en gemalen (objecten), die grenzen aan de rijkswateren.

Vispassage
Vispasseerbaar maken van sluizen, stuwen en gemalen (objecten)

Figuur 4: Status maatregelen van de tweede tranche per soort, 31 december 2016

De beheermaatregelen zijn erop gericht om de bestaande infrastructuur zodanig te gebruiken dat de waterkwaliteit blijvend verbetert. Denk aan de aangepaste sluisbediening om de vispasseerbaarheid te bevorderen. Een totaaloverzicht van alle maatregelen uit de tweede tranche is opgenomen in bijlage 2.

Actualisering derde tranche

Voor de actualisering van de derde tranche Figuur 4: Status maatregelen van de tweede tranche per soort, 31 december 2016 - maatregelen, stelt Rijkswaterstaat een plan van aanpak op. De inhoud en de timing hiervan stemmen we af op de gebiedsprocessen voor de stroomgebiedbeheerplannen (2022-2027). Daarnaast bekijken we de mogelijkheden om de KRW en Natura 2000 op programmaniveau verder in elkaar te schuiven.

Het is niet eenvoudig aan te tonen dat een individuele maatregel zoals een vispassage een verbetering in de ecologische waterkwaliteit oplevert. Wel mogen we aannemen dat de verbetering van de ecologische waterkwaliteit die inderdaad wordt waargenomen, tot stand komt door het uitvoeren van de verschillende maatregelen binnen de stroomgebieden (bron: BPRW 2016-2021, pagina 74). De uiteindelijke KRWmaatlatscore is afhankelijk van veel andere invloeden. Bijvoorbeeld afvoer uit het buitenland, uitspoeling landbouwgronden en gewasbeschermingsmiddelen, calamiteiten en klimaatverandering. Door maatregelen voor het herstellen van overgangen en leefgebieden in het hoofdwatersysteem uit te voeren, beïnvloeden we de natuurlijke inrichting. We realiseren daarmee een belangrijke randvoorwaarde voor een goede ecologische toestand van het water.

Om inzicht te geven in de voortgang op een niveau tussen het aantal uitgevoerde maatregelen en de verbetering van de ecologische waterkwaliteit van een waterlichaam worden nieuwe indicatoren ontwikkeld. Hiermee komen we tegemoet aan de behoefte van de Tweede Kamer en de Algemene Rekenkamer. Zij willen meer inzicht in de mate waarin het KRW-programma invulling geeft aan de verplichting om sterk veranderde waterlichamen zo natuurlijk mogelijk te maken. Deze indicatoren geven bovendien zicht op de ruimte die er nog is voor extra maatregelen. Daarom dragen deze indicatoren ook bij aan de voorbereiding van de actualisering van de derde tranchemaatregelen. Als voorbeeld wordt de indicator voor beekmondingen Maas in bovenstaande figuur weergegeven.

De kaart laat op projectniveau zien waar we maatregelen samengebundeld in projecten uitvoeren
Beekmondingen Maas
Totaal aantal beekmondingen 100% 64
Beekmondingen die al ecologisch op orde waren voor 2010 0% 0
Hersteld in Verbeterprogramma 2010-2015 31% 20
Te herstellen in Verbeterprogramma 2016-2021 59% 38
Herstel niet mogelijk, of herstel levert marginale bijdrage aan KRW-doelen 9% 6
Voorlopig gepland in Verbeterprogramma 2022-2027 0% 0
Resterend 0% 0

Ook voor andere gebieden en maatregelen werkt Rijkswaterstaat in de komende periode een dergelijke indicator uit.

Voor de geulen Zuid-Nederland in de derde tranche wordt een versnelde verkenning uitgevoerd. We houden er rekening mee dat de gemiddelde doorlooptijd van grote inrichtingsmaatregelen langer is dan de doorlooptijd van een tranche, onder andere vanwege de grondverwervingsprocedures. RWS Zuid-Nederland doet voorbereidend werk voor een MIRT2-beslissing voor de derde tranche van maatregelen langs de Maas.

3.6 Financiële voortgang

De totaal beschikbare middelen bedragen € 851 miljoen. Voor de eerste tranche is in totaal € 282 miljoen beschikbaar, voor de tweede en derde tranche € 569 miljoen. De actualisering van maatregelen in de derde tranche wordt gefinancierd uit het beschikbare budget van de tweede tranche. Bijlage 4 geeft een toelichting op de financieringsbronnen.

Uitgaven 2016

In totaal is er in 2016 € 28,8 miljoen uitgegeven voor het realiseren van de KRW-maatregelen. Voor het uitvoeren van de eerste tranchemaat regelen is in totaal € 21,2 miljoen uitgegeven en € 7,6 miljoen voor het voorbereiden en uitvoeren van de tweede tranchemaatregelen.

3.7 Kwaliteitsborging

RWS hanteert een kwaliteitsborgingssysteem (met een voortoets) dat ervoor zorgt dat de besluiten inclusief onderliggende rapporten voldoen aan de wet- en regelgeving en aan aanvullende RWSrichtlijnen en kaders. Het systeem borgt dat de stukken juridisch houdbaar zijn. Het RWS-bestuur heeft de voortoets verplicht gesteld. We toetsen hiermee de inhoudelijke kwaliteit van documenten die kritisch zijn voor de MIRT-besluitvorming. Het gaat om een kwalitatieve beoordeling van de opgeleverde rapporten door inhoudelijke en juridische experts van Rijkswaterstaat.

In 2016 zijn de volgende KRW-MIRT3-toetsen afgerond:

  • de Groene oevers - Nassaukade;
  • maatregel Gors van de Lickebaert Stormpolder (O&U tweede tranche);
  • Nieuwe Maas Mallegatspark;
  • Nieuwe Maas Nassauhaven.

3.8 Ontwikkeling van het programma

Het programma KRW is voortdurend in ontwikkeling: we spelen in op kansen, verbeteren de kwaliteit en innoveren. Hieronder lichten we een paar ontwikkelingen eruit.

Intakebesluit

Het RWS-bestuur heeft in oktober 2015 besloten voor alle nieuwe programma’s een intakebesluit te nemen. Doel: verdere professionalisering van het programmamanagement binnen RWS. Het KRW-programma is het eerste programma waarvoor een dergelijk besluit is genomen.

Waterkwaliteitsportaal vervangt de Paustabel

Bij de overgang naar de tweede tranche is Rijkswaterstaat overgestapt van de Paustabel, met daarin (voorheen) de voortgang van de maatregelen, naar het Waterkwaliteitsportaal. Het voordeel hiervan is dat er een directe koppeling is tussen de stroomgebiedbeheer plannen en het BPRW. Na de opdrachtverstrekking tweede tranche is er een controle uitgevoerd, om de opdracht naadloos aan te laten sluiten bij het Waterkwaliteitsportaal.

Samenwerking met derden

De combinatie van de KRW-opgave met opgaven van partners zoals provincies, waterschappen, gemeenten en natuurbeschermingsorganisaties biedt vaak kansen om meerwaarde te bereiken en/ of een efficiëntere realisatie voor elkaar te krijgen door een gezamenlijke, gebiedsgerichte benadering.

Zo is voor de realisatie van vispassages Rijk-Regio (cofinanciering) in de tweede tranche de samenwerking tussen de Waterschappen en Rijkswaterstaat geoptimaliseerd. Voor deze maatregelen heeft Rijkswaterstaat nu uitsluitend de verplichting tot cofinanciering. Samen met de waterschappen is in 2015 een modelovereenkomst ontwikkeld. Deze is in 2016 veelvuldig toegepast. Onder meer voor twee vispassages op Texel, de vispassage in de IJssel bij Doesburg en bij dertien vispassages Rijk-Regio in het beheergebied van RWS Midden-Nederland.

Eind 2016 is de landelijke samenwerkingsovereenkomst tussen Rijkswaterstaat en Staatsbosbeheer ondertekend. Uitwerking hiervan is bijvoorbeeld de projectspecifieke samenwerkingsovereenkomst ‘herinrichting van de Loenensche Buitenpolder’. RWS Oost-Nederland, Staatsbosbeheer en de provincie Gelderland werken hierin samen.

Ook voor het uiterwaardenproject WamelDreumel-Heerewaarden hebben RWS, Staatsbosbeheer en de provincie Gelderland het voornemen samen te werken. Naast projectspecifieke samenwerking vindt er kennis - uitwisseling plaats via kennisbijeenkomsten.

KRW-kennisbijeenkomsten

In 2016 hebben er twee KRW-kennisbijeenkomsten plaatsgevonden als onderdeel van een reeks. Eén bijeenkomst stond in het teken van de relatie tussen inrichting en beheer en trok een breed publiek van KRW-geïnteresseerden binnen RWS. De andere kennismiddag richtte zich specifiek op integrale projectmanagementteams (IPM-teams) en gaf hen de gelegenheid te ‘leren van elkaar, gerelateerd aan projectrollen binnen projecten’.

In 2017 vindt een bijeenkomst plaats met als onderwerp ‘Eco-engineering voor duurzaam waterbeheer’. Een volgende kennisbijeenkomst zal gaan over de vraag: ‘Hoe zet je ecologische waterkwaliteit met waterpartners samen op de kaart?’. De intentie is om dit samen met het waternetwerk Water Ontmoet Water (WoW) te organiseren. Vervolgens vindt er als follow-up van de bijeenkomst in 2016 weer een bijeenkomst plaats om ervaringen uit te wisselen met IPM-teams. Tot slot programmeren wij eind 2017 een bijeenkomst met experts binnen de waterwereld over de relatie tussen output en outcome van KRW-maatregelen.

Stuwcomplex in de Lek bij Hagestein

Communicatie

De communicatiestrategie voor het KRW-programma is in 2016 afgerond en vastgesteld. Met het communicatieprogramma Ons Water zijn nieuwe afspraken gemaakt om uitvoering te geven aan de nieuwe strategie, vooral rond online communicatie. Met communicatiemensen in de regio is in een workshop besproken hoe wij elkaar kunnen versterken in een gezamenlijke aanpak.

Bij de inzet van de totale middelenmix besteden we veel aandacht aan de goede en mooie KRW-verhalen (storytelling) en de juiste/gerichte inzet van middelen toegespitst op doelgroepen.

Deze journalistiek vormgegeven jaarrapportage is daar een uitvloeisel van. Er is contact gelegd met het aanpalende programma Duurzame Leefomgeving. Dit resulteerde erin dat we tijdens de RWS-netwerkbijeenkomst ‘Leiders voor Duurzaamheid’ een workshop Ecologische Waterkwaliteit konden invullen. Het Landelijk Team KRW houdt alle communicatieacties bij in een KRW-communicatiekalender en coördineert deze in het communicatie-scrumoverleg. De aandacht gaat daarbij onder meer uit naar de ‘Week van ons Water’ – met het thema waterkwaliteit, voorjaar 2017.