Foto De Beeldredaktie

De opdrachtgevers en opdrachtnemers binnen het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat van het programma KRW gaan met elkaar in gesprek over ecologische waterkwaliteit. Wat bindt hen, hoe werken ze samen en wat is hun kijk op hoe je stuurt en bijstuurt om het juiste resultaat te bereiken? Een openhartig gesprek.

Wat zijn de speerpunten van de minister op watergebied?

Elaine Alwayn, directeur Waterkwaliteit, Ondergrond en Marien bij het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat: ‘De minister vindt waterkwaliteit erg belangrijk. Er is voor natuur en waterkwaliteit onder het nieuwe regeerakkoord 275 miljoen euro beschikbaar gekomen. We besteden dat geld voor een deel aan de problematiek rond medicijnresten in het water en het omgaan met nadelige effecten van de landbouw. Ook willen we een impuls geven aan het verbeteren van de natuur en de waterkwaliteit van de grote wateren. Dit doen we samen met het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit.’

Louis Schouwstra, coördinerend hoofdingenieur-directeur Rijkswaterstaat van het programma KRW: ‘De vlag ging wel uit toen we dit hoorden. Ik denk dat de minister het als kans ziet dat we met dit bedrag goede dingen kunnen doen voor Nederland. Voor recreatie, gezondheid en natuur.’

Lies van Campen, programmamanager KRW bij Rijkswaterstaat: ‘Ik vind het ook wel erkenning. Waterproblemen zijn vaak wat onzichtbaar, maar het zijn wel écht grote problemen. Als het Grevelingenmeer gewoon stinkt en bacteriematten op een bepaalde diepte leven, dan is dat een serieuze kwestie. De aandacht voor waterkwaliteit is dan ook zeer welkom.’

Het doel is uiteindelijk: het watersysteem in balans brengen. Hoe kijken jullie daartegen aan?

Louis: ‘We streven naar biodiversiteit, proberen alles te doen om dat te bereiken en te komen tot een balans waarin de natuur tot zijn recht komt. Terug naar hoe het ooit was, kan misschien niet altijd, maar je kunt wel proberen omstandigheden te creëren waarin de ecologie een kans krijgt zich weer te ontwikkelen.’

Titus Livius, directeur Waterveiligheid, Klimaatadaptatie en Bestuur bij het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat: ‘Vroeger lag die focus er minder. Ook daarin is een balans te herstellen. Aandacht voor meer dan alléén veiligheid. Nu kijken we ook vanuit de ecologie naar zo’n sluis. Dat is alleen maar goed. Inzichten veranderen voortdurend.’

"Waterproblemen zijn vaak wat onzichtbaar, maar het zijn wel écht grote problemen"

De maatregelen van het KRW-programma moeten in 2027 genomen zijn. Wat is daarvoor nog nodig?

Elaine: ‘Allereerst: de waterkwaliteit is niet opeens perfect. Als we alle maatregelen voor 2027 nemen, duurt het ook nog een tijd voor we effect zien. Ik denk dat we op koers liggen, maar het is een grote klus. Nederland heeft veel onnatuurlijke wateren en het is echt een uitdaging die weer in balans te brengen.’

Lies: ‘We voeren 600 maatregelen uit en begonnen daar al in 2008 mee. In de tussentijd zijn er ontzettend veel ontwikkelingen, nieuwe inzichten en ervaringen. Die willen we toepassen in de maatregelen om die zo effectief mogelijk uit te voeren. Hier en daar sturen we dus bij. Denk aan rivierhout. In 2008 dacht daar nog niemand aan. In de tweede tranche is dat dus een maatregel geworden. En zo zie je het programma evolueren.’

Lees hier het uitgebreide artikel.