
Onverwachte storing? Dit gebeurt er achter de schermen
In de schijnwerpers
Het is 11 januari, halverwege de avond. Op het scherm van de bedienaar in het Topshuis op Neeltje Jans verschijnt een melding: een deur van de Kreekraksluis reageert niet zoals het hoort. Zo’n storing komt nooit gelegen. Achter de schermen komen dan ook direct medewerkers in actie om de storing zo snel mogelijk te verhelpen.
De Kreekraksluis wordt op afstand bediend. Operators houden via camera’s en systemen continu toezicht. Zodra iets afwijkt, krijgen zij een melding. In eerste instantie lijkt het probleem klein: waarschijnlijk is een sensor kapot. Omdat de sluis niet gebruikt kan worden, krijgt de storing een hoge prioriteit. De aannemer wordt gebeld en binnen een uur staat er een monteur bij de sluis. De sensor wordt vervangen en de deur werkt weer.
Maar rond één uur ’s nachts gaat het opnieuw mis. Een team van Rijkswaterstaat, verantwoordelijk voor de Kreekraksluizen, en de aannemer overleggen over de situatie. Zij informeren de beheerder van de vaarweg (de officier van dienst) en de functioneel informatiebeheerder, in dit geval het districtshoofd van Rijkswaterstaat. Besloten wordt om één kolk tijdelijk buiten gebruik te stellen. Schepen kunnen via de andere kolk worden geschut. Midden in de nacht verder sleutelen heeft weinig zin. Bij daglicht wordt het probleem verder onderzocht.

William van Gilst, technisch installatieverantwoordelijke Rijkswaterstaat
Het blijkt geen sensor
De volgende ochtend kijken specialisten samen naar de installatie. Technisch installatieverantwoordelijke (TIV) William van Gilst, de ‘specialist Kreekraksluizen’ van Rijkswaterstaat, stemt af met de aannemer. Al snel wordt duidelijk dat het probleem niet in de sensor zit. Er zit teveel speling op de deur in de geleiding. Daardoor raakt de detectie ontregeld. Wat eerst een klein elektronisch probleem leek, blijkt een mechanisch mankement. De oorzaak wordt stap voor stap opgespoord. ‘s Middags is helder wat er moet gebeuren. De aannemer herstelt de deurgeleiding. Daarna wordt alles uitgebreid getest. Pas als zeker is dat de deur weer veilig en betrouwbaar werkt, gaat de sluis weer volledig open. Aan het einde van de middag is de storing verholpen.
"Veiligheid staat altijd voorop. Daarna zorgen we dat de sluis zo snel mogelijk weer kan draaien"
Ondertussen: scheepvaart informeren
Terwijl technici aan het werk zijn, loopt de communicatie door. Zodra een storing gevolgen heeft voor de scheepvaart, wordt een BAS-bericht verstuurd: een Bericht aan de Scheepvaart. Schippers zien zo direct wat er aan de hand is en wat de gevolgen zijn. De Kreekraksluis ligt in een drukke scheepvaartroute. Met één kolk minder is er minder capaciteit en dus vertraging. ‘File’ op het water ziet er anders uit dan op de weg. Schepen wachten verspreid bij ligplaatsen in de buurt en krijgen via de marifoon te horen wanneer ze mogen invaren. De hoofdoperator weet welke schepen aangemeld zijn en bepaalt de volgorde.
Voorbereid op onverwachte situaties
Niet elke storing vraagt om een groot calamiteitenteam. In dit geval bleef het team overzichtelijk: de hoofdoperator, de technisch installatieverantwoordelijke en de aannemer. Het team houdt de officier van dienst en het districtshoofd van Rijkswaterstaat via WhatsApp op de hoogte. Bij grotere problemen, bijvoorbeeld bij schade of langdurige uitval, worden ook de omgevingsmanager, de communicatieadviseur en andere specialisten betrokken. Ook voor onverwachte situaties zijn dus duidelijke afspraken gemaakt. Als het nodig is, wordt dag en nacht gewerkt om een probleem op te lossen.