
Hoe houden we Nederland veilig bij een stijgende zeespiegel?
Samenwerking
Dat we in Nederland als gevolg van de klimaatverandering te maken krijgen met een stijgende zeespiegel is duidelijk. Maar wat betekent dat voor de manier waarop ons land zich beschermt tegen wateroverlast en zorgt voor voldoende zoetwater? Zes jaar onderzoek binnen het Kennisprogramma Zeespiegelstijging laat zien dat de huidige strategie ook bij forse zeespiegelstijging voldoet. Daarvoor zijn wel maatregelen nodig die om ingrijpende ruimtelijke en maatschappelijke keuzes vragen. Saskia van Gool (Rijkswaterstaat) en Marit Zethof (HKV) blikken terug op de belangrijkste inzichten en een samenwerking die de nodige uitdagingen kende.

Saskia van Gool, programmamanager Rijkswaterstaat
Het Kennisprogramma Zeespiegelstijging (KP ZSS) startte in 2020. Saskia van Gool sloot toen vanuit Rijkswaterstaat aan als programmamanager en is dat al die tijd gebleven. ‘Er waren destijds een aantal wetenschappelijke artikelen gepubliceerd, waaruit bleek dat de zeespiegel sneller zou stijgen dan gedacht. De toenmalige minister van Infrastructuur en Waterstaat en de deltacommissaris namen daarom het initiatief voor het Kennisprogramma Zeespiegelstijging (KP ZSS). Daarin onderzochten overheden, bedrijven, kennisinstellingen en maatschappelijke organisaties de mogelijke gevolgen van zeespiegelstijging voor Nederland. Op het gebied van zowel waterveiligheid als zoetwatervoorziening. Ook verkende het programma mogelijke maatregelen om ons voor te bereiden op die gevolgen.’
Een opdracht die samen moest
Terug naar de start: een van de kernvragen was hoeveel zeespiegelstijging het watersysteem aan zou kunnen met de huidige strategieën en maatregelen. ‘We hebben deze kernvraag de systeemanalyse genoemd’, vertelt Van Gool. Rijkswaterstaat kreeg van het ministerie de opdracht om die vraag te beantwoorden. ‘Het was al snel duidelijk dat we dat niet alleen konden. We hebben veel kennis wel in huis, maar voor dit onderzoek waren méér mensen nodig. Uiteindelijk zijn veel deelonderzoeken van de opdracht gegund aan de combinatie HKV, Witteveen+Bos en IV-Infra (kunstwerken).’ Ook andere partijen en combinaties hebben deelonderzoeken van de systeemanalyse uitgevoerd. Bij de andere onderdelen van het KP ZSS, zoals de verwachte zeespiegelstijging en de verkenning van scenario’s voor de lange termijn, waren nog eens acht tot tien andere bedrijven betrokken.

Marit Zethof, adviseur waterveiligheid HKV
Marit Zethof is adviseur waterveiligheid bij adviesbureau HKV en was als projectleider betrokken bij de systeemanalyse waterveiligheid van het KP ZSS. ‘Dat deden we samen met Witteveen+Bos en IV-Infra, omdat we zo de benodigde capaciteit konden leveren; in totaal hebben tien collega’s eraan gewerkt. Door de samenwerking konden we bovendien kennis delen én was er ruimte om jongere collega’s op te leiden.’
Vooraf de markt betrekken
Aan de gunning van de opdracht ging heel wat denkwerk vooraf. Van Gool vertelt dat dit een unieke opdracht was. ‘Het onderzoek vroeg veel berekeningen, maar voor de vraag die we hadden waren nog geen modellen beschikbaar. Die moest de opdrachtnemer nog ontwikkelen, dus dat is een risico. Daarom was het voor ons belangrijk om de markt vooraf te betrekken. Tijdens twee marktconsultaties lichtten we onze vraag toe en vroegen we marktpartijen met ons te delen wat zij zouden kunnen en welke tijd ze daarvoor nodig dachten te hebben. Ook waren we benieuwd welke risico’s zij zagen in de uitvraag. Zo kwamen we uiteindelijk tot de formulering van de opdracht die ook het gewenste resultaat heeft opgeleverd.’
Zo’n marktconsultatie kan prettig zijn, beaamt Zethof. ‘Tijdens zo’n sessie kun je proeven wat de opdrachtgever wil en duiding krijgen bij de uitvraag. Je ziet welke partijen nog meer interesse hebben en welke mogelijke samenwerkingen er te sluiten zijn. Bovendien is een marktconsultatie interactiever dan een Nota van Inlichtingen. Je kunt doorvragen en een kritische blik meegeven op bijvoorbeeld de omvang en scope van de opdracht en risico’s. We bespraken tijdens deze marktconsultatie bijvoorbeeld hoe we ermee konden omgaan dat er geen modellen zijn voor 5 meter zeespiegelstijging. Bij een Nota van Inlichtingen is er meestal maar één inlichtingenronde. Daar kun je dus veel minder doorvragen dan bij een marktconsultatie.’

Dijk Marken
Zoeken naar de juiste balans
De systeemanalyses vroegen intensieve samenwerking tussen Rijkswaterstaat en HKV. Zethof vertelt hoe ze dit aanpakten. ‘We hebben een treintje ingericht waarbij wij eerst zelf de berekeningen controleerden en Rijkswaterstaat daarna de rapportage nogmaals beoordeelde. Zeker bij zo’n nieuw onderzoek moet je transparant met elkaar samenwerken. Je komt weleens een uitkomst tegen die je niet kunt verklaren. Daar moet je niet te lang in blijven hangen, maar dit juist open met elkaar bespreken.’
‘Het was belangrijk om steeds de balans te vinden tussen volledigheid en het bredere plaatje’, vult Van Gool aan. ‘De opdracht was niet om alle gevolgen van de zeespiegelstijging tot achter de komma door te rekenen. Het doel was om na te gaan of de opgave die uit de stijgende zeespiegel komt haalbaar is. Kunnen we die opgave aan?’ Dat leverde soms spanning op tussen de inhoudelijke experts en de mensen met helikopterview. ‘Dat zag je bij beide organisaties’, vertelt Zethof. ‘We moesten afwegingen en keuzes maken. Wanneer duik je dieper in een resultaat en wanneer is het goed genoeg? Dat gaf soms wat wrijving, maar dat houdt je scherp.’
Goede samenwerking basis voor succes
De samenwerking is voor Van Gool en Zethof een pluspunt van het kennisprogramma. Van Gool: ‘We hadden natuurlijk formele overleggen, maar experts van HKV kwamen ook bij ons op locatie werken. De informele gesprekken en afstemmomenten die je daardoor hebt, zijn enorm waardevol. Zeker in het begin van de opdracht werkte het fijn om elkaar zo te leren kennen. Dat zou ik iedereen aanraden.’ Daarbij hoort volgens Zethof ook dat je vertrouwen hebt in elkaar én in je eigen collega’s. ‘Onze specialisten hebben veel zaken zelf afgestemd met de specialisten van Rijkswaterstaat. Daar hoefden wij als programmamanager en projectleider echt niet altijd tussen te zitten.’
"Berekend is dat Nederland zich tot in ieder geval 5 meter zeespiegelstijging kan blijven beschermen tegen overstromingen"
De belangrijkste inzichten
‘Samengevat is in de systeemanalyse berekend dat Nederland, bij voortzetting van de huidige aanpak, zich naar verwachting tot in ieder geval 5 meter zeespiegelstijging kan blijven beschermen tegen overstromingen’, vertelt Van Gool. ‘Voorwaarde is wel dat we voortdurend blijven werken aan waterveiligheid via steeds omvangrijkere zandsuppleties, dijkversterkingen, aanpassingen aan stormvloedkeringen en uitbreiding van de pompcapaciteit. Dat vraagt veel van de maatschappij; daarvoor is namelijk veel ruimte en geld nodig.’ Bij een zeespiegelstijging van 3 meter bijvoorbeeld, moeten de dijken op veel plaatsen 3 tot 6 meter hoger worden dan de huidige eisen. Ze moeten bovendien 10 tot 90 meter breder worden. Die ruimte is er niet overal. Daarin moeten scherpe keuzes gemaakt worden, die maatschappelijke gevolgen hebben.
Naar de toekomst
Dankzij het Kennisprogramma Zeespiegelstijging is er nu inzicht in de mogelijke opties die waterbeheerders hebben voor het omgaan met de zeespiegelstijging. Wat de beste aanpak is, hangt echter ook af van andere ruimtelijke, economische en maatschappelijke wensen en ontwikkelingen. Dat is uiteindelijk een politieke beslissing. Van Gool: ‘Het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat betrekt de resultaten onder meer in het Nationaal Water Programma. Ook delen we kennis en data met partners. Zo zijn verschillende waterschappen bezig om de gevolgen van zeespiegelstijging in kaart te brengen voor hun regionale watersysteem. Daarvoor gebruiken ze informatie uit onze rapporten.'
Ook voor de analyse van verdere toekomstscenario’s is de informatie uit het KP ZSS onmisbaar, stelt Zethof. ‘Studies kijken vaak tot 2100, maar zeker bij grotere systeemkeuzes kijk je verder vooruit. De inzichten en data uit het KP ZSS zijn daarvoor heel relevant en waardevol.’ Van Gool en Zethof hopen vooral dat de kennis die er nu is ook gebruikt wordt in de praktijk. ‘Wie zich bezighoudt met waterveiligheid en zoetwater kan niet om het KP ZSS heen. De zeespiegel blijft stijgen. Dankzij het KP ZSS weten we beter welke keuzes Nederland straks heeft. Die kennis moet nu haar weg vinden naar beleid, besluitvorming en projecten.’