Baggerschip van bovenaf gezien

Emissieloos baggeren: open samenwerken in innovatief onderzoek

Duurzaamheid

Alleen met brede, open samenwerking kan de baggersector de gewenste transitie naar emissieloos baggeren maken. Rijkswaterstaat en samenwerkingsinitiatief ZEDHub nemen de sector hierin op sleeptouw. In september 2026 starten drie onderzoeksprojecten om kennisgaten te dichten. De resultaten maken vervolgkeuzes nauwkeuriger, realistischer en minder risicovol.

Maarten Molhoek, innovatieadviseur Rijkswaterstaat

Om klimaatneutraal en circulair te kunnen werken stimuleert Rijkswaterstaat betrokken partijen om gericht te innoveren. Dat gebeurt in samenwerking met partners in zogeheten transitiepaden. Het transitiepad Kustlijnzorg en Vaargeulonderhoud richt zich hierbij concreet op emissieloos baggeren. ‘Daarvoor zijn ingrijpende innovaties nodig die hoge investeringen met zich meebrengen voor individuele partijen uit de baggersector’, verduidelijkt innovatieadviseur Maarten Molhoek van Rijkswaterstaat. ‘Daarom ontwikkelden we als onderdeel van het transitiepad een Kennis- en Innovatieagenda waarin we de hele sector meenemen. Daarin volgen we drie sporen. We bouwen kennis op met onderzoeksprojecten. We zoeken koplopers om vanuit die kennis ervaring op te doen in de praktijk. En alle opgedane kennis delen we breed om uiteindelijk op te schalen naar grootschalige toepassing in het hele peloton. Binnenkort starten we met een belangrijke stap op het eerste spoor: onderzoeksprojecten met meer nadruk op baggeren in zoutwater.’

Arjen de Jong, directeur ZEDhub

Sectorbreed samenwerken

Voor de transitie naar duurzaam baggeren is Rijkswaterstaat een meerjarige samenwerking aangegaan met ZEDhub. ZED staat voor Zero Emission Dredging. Deze stichting is opgericht vanuit het bedrijfsleven (Boskalis, Damen, Royal IHC en Van Oord) en heeft als doel om emissieloos baggeren mogelijk te maken in 2030: technisch, economisch en qua regelgeving. ‘Hiervoor faciliteren en stimuleren we samenwerking in de gouden driehoek van overheid, kennisinstellingen en industrie’, vertelt directeur Arjen de Jong. ‘Rijkswaterstaat als overheidsorganisatie en kennisinstellingen als TNO, MARIN en technische universiteiten zijn al gewend om transparant samen te werken aan gedeelde doelen. Wij enthousiasmeren bedrijven om ondanks verschillende belangen op dezelfde manier mee te doen. Vanuit de hele waardeketen: van technologieleveranciers en scheepsbouwers tot baggeraars. Twee keer per jaar organiseren we fysieke bijeenkomsten om alle partijen met elkaar in gesprek te brengen over verduurzaming. Daarnaast hebben we samen met de Vereniging van Waterbouwers een AI-platform ontwikkeld waar de sector betrouwbaar nieuwe inzichten en best practices kan uitwisselen.’

"Wij enthousiasmeren bedrijven om ondanks verschillende belangen op dezelfde manier mee te doen"

Gaten in kennis dichten

Binnen de Kennis- en Innovatieagenda van het transitiepad Kustlijnzorg en Vaargeulonderhoud hebben Rijkswaterstaat, ZEDHub en partners drie onderzoeksprojecten voorbereid. Molhoek: ‘Hiermee richten we ons op belangrijke gaten in de huidige kennis. De nadruk ligt op baggeren in zoutwater. Dit is lastiger dan in zoetwater, waar we bijvoorbeeld al ervaring hebben met elektrische baggerschepen. We onderzoeken innovaties die noodzakelijk zijn om deze transitie mogelijk te maken, maar die niet snel door één partij worden opgepakt, mede omdat de investering lastig terug te verdienen is. Daarnaast hebben we onderzoeken geselecteerd waarvan de resultaten breed toepasbaar zijn binnen de hele sector en waarbij de investering qua tijd en geld haalbaar blijft.’

De onderzoeken op een rij

De Jong zet de onderzoeken op een rij. ‘Het eerste onderzoek kijkt hoe nabehandeling van uitlaatgassen bij baggerschepen kan helpen om de uitstoot te beperken. Dat onderzoeken we voor bestaande motoren, maar we kijken ook meteen hoe de prestaties van zulke nabehandelingssystemen veranderen als je overstapt naar alternatieve brandstoffen als methanol.’ Het tweede onderzoek gaat over hybride aandrijving, waarbij je energie opslaat in batterijen of supercondensatoren, zodat de motor of brandstofcel minder zwaar belast zijn en dus minder uitstoten. ‘Net als bij hybride auto’s’, geeft De Jong aan. ‘Je gebruikt hierbij fossiele of duurzame brandstoffen en brengt uitstoot en verbruik flink omlaag, waardoor je ook toekunt met een kleinere, zuinigere motor.’ Het derde onderzoek ontwikkelt standaarden en procedures voor het veilig toepassen van alternatieve brandstoffen op baggerschepen. ‘Het gaat om zogeheten Renewable Fuels of Non-Biological Origin (RFNBO’s). Waterstof is daarvan de bekendste, maar wij leggen de nadruk op e-methanol, juist omdat we daar nog niet genoeg over weten.’

In zoetwater is al ervaring opgedaan met elektrische baggerschepen, zoals de Prins 6

Open innovatie: kennis delen

Inmiddels zijn de projectplannen voor de onderzoeken klaar en heeft Rijkswaterstaat groen licht gegeven. De verwachting is dat ze in september 2026 van start gaan. De uitvoerende partijen zijn gevonden en geselecteerd via bijeenkomsten van ZEDhub en Rijkswaterstaat. Molhoek: ‘Bijzonder is dat alle partijen ermee akkoord gaan dat resultaten beschikbaar komen voor een breed publiek. Daar zijn we trots op.’ De Jong vervolgt: ‘Samenwerking en kennisdeling kan bedreigend aanvoelen, maar bij open innovatie hoort juist dat je goede afspraken maakt over wat je wel en niet deelt. We zijn blij dat we hierin een rol kunnen spelen.’

"Bijzonder is dat alle partijen ermee akkoord gaan dat resultaten beschikbaar komen voor een breed publiek. Daar zijn we trots op"

Resultaten maken keuzes realistisch

Het delen van de onderzoeksresultaten verloopt via door ZEDhub georganiseerde sessies voor alle geïnteresseerde partijen en via het door hen ontwikkelde AI-kennisplatform. ‘De resultaten maken keuzes voor toepassing van de onderzochte innovaties nauwkeuriger en realistischer’, stelt Molhoek. ‘Op basis van concrete data kun je bijvoorbeeld beter berekenen hoeveel uitstoot je daadwerkelijk bespaart met een nabehandelingssysteem of hoeveel zuiniger je in de praktijk kunt varen met een hybride aandrijving. Of je kunt de risico’s van alternatieve brandstof verlagen als je uit onderzoek weet welke standaarden en procedures de veiligheid verbeteren. Dat werkt twee kanten op. Bij Rijkswaterstaat kunnen we beter inschatten hoe ambitieus we kunnen uitvragen en de markt hoe ze daarop kunnen inschrijven.’

Steeds een stap verder

Parallel aan de onderzoekstrajecten is het transitiepad Kustlijnzorg en Vaargeulonderhoud bezig met het op de markt zetten van koploperprojecten. Molhoek: ‘Dit zijn baggerprojecten, in dit geval bij de Waddenzee en in de haven van Rotterdam. Daarbij stimuleren we marktpartijen om duurzame innovatieve technieken te gebruiken. De projecten zijn niet een-op-een gekoppeld aan de onderzoeken, maar er is wel een duidelijke link.’ De Jong vervolgt: ‘De marktpartijen die deze projecten gegund krijgen, kunnen resultaten uit de onderzoeken valideren en de technieken een stap verder brengen richting commercieel gebruik. Ook de lessen van deze koplopers delen we weer als basis om op te schalen. Zo werken we uiteindelijk met de hele sector samen toe naar emissieloos baggeren.’